Verpleegkundig specialist aan het woord: therapietrouw en eHealth

Leestijd 10 minuten

Als patiënten hun medicatie iedere dag innemen – op het juiste moment en op de wijze waarop de verpleegkundig specialist dat heeft voorgeschreven – dan is de patiënt therapietrouw. In het geval van HIV patiënten is een therapietrouw van 95% noodzakelijk om de behandeling effectief te laten zijn. Therapieontrouw heeft grote gevolgen voor zowel de patiënt als de maatschappij. Hoe gaan specialisten hier mee om? Zij kunnen de patiënt immers niet dwingen. We vroegen Jolanda Schippers daarom naar haar ervaringen met therapietrouw.

Kunt u uitleggen wie u bent en wat u doet?
Mijn naam is Jolanda Schippers en ik ben Verpleegkundig Specialist HIV Infectieziekten in het UMC Maastricht. Ik behandel en begeleid voornamelijk mensen met een HIV infectie, maar daarnaast ook mensen die een geslachtsziekte hebben en mensen met een virale hepatitis. Maar HIV is de hoofdmoot van mijn takenpakket.

Behandelt u patiënten langdurig met medicatie?
Jazeker. HIV patiënten worden bij ons levenslang met medicatie behandeld. Dit betekent dat we één keer de medicatie en dosis instellen en dat ze bij ons tot het einde op medicatie blijven. Er zijn in Nederland slechts 12 HIV centra. Patiënten die bij ons weg gaan, doen dit vrijwel altijd vanwege een verhuizing.

Kunt u aangeven wat therapietrouw inhoudt (en welke factoren hierop van invloed zijn)?
Graag wil ik vooropstellen dat een therapietrouw van 95% nodig is, om HIV behandelingen effectief te laten zijn. Therapietrouw is in mijn vakgebied zeer belangrijk.

Als patiënten hun medicatie innemen volgens de voorschriften zijn ze therapietrouw. Dat wil zeggen: iedere dag medicatie innemen, op het juiste moment, met de juiste dosis en op de juiste wijze. Soms nuchter, soms tijdens het eten en wel of niet combineren met andere medicijnen.

De verpleegkundige heeft een zorgplan en zorgstandaard om iemand voor te bereiden op de therapie. Soms gaan er wel vier consulten vooraf aan de daadwerkelijke medicatiestart, waarin we het belang van goede inname bespreken. Tijdens deze consulten bespreken we ook de motivatie van de patiënt. Vragen die we bijvoorbeeld behandelen, zijn: kunt u het zelf, wilt u het zelf, bent u er klaar voor, wat wilt u zelf bereiken? Ook starten we oefentrajecten met m&m’s met sommige patiënten, om te kijken waar patiënten tegenaan lopen. Misschien zijn er nog vragen bij de manier waarop het schema is ingericht. Zo kunnen we nog aanpassingen doen voordat de patiënt daadwerkelijk start met inname van de medicatie.

Therapietrouw is extreem belangrijk bij infectieziekten. Als er geen hoge mate van therapietrouw is, krijgt de patiënt resistentie en dan hebben we nog minder behandelmogelijkheden.Resistente virussen zijn daarbij ook overdraagbaar. Bij uitgebreide resistenties worden behandelmogelijkheden voor toekomstige patiënten daarmee ook beperkt.

In welke mate beïnvloedt therapietrouw uw patiënten?
Veel. Daarom begeleiden we patiënten ook zeer intensief. Een week nadat de patiënt met medicatie is gestart, hebben we het eerste contactmoment. Vooral in het eerste jaar is het contact met de patiënt zeer intensief en waar mogelijk ook laagdrempelig.

Patiënten worden dagelijks geconfronteerd met hun ziekte. Innemen van medicatie, maar ook bijhouden van de voorraad en op tijd medicatie bijbestellen moet geïntegreerd worden in het leven van de patiënt. Dit vereist een aanpassing van de levensstijl.

Zodra patiënten hun medicatieinname geïntegreerd hebben in hun leven, wordt het contact minder intensief.

De meest voorkomende reden bij HIV patiënten om medicijnen niet in te nemen is niet bewust of met opzet. Patiënten vergeten gewoonweg hun medicatie in te nemen.

Hier besteden we in de startfase veel aandacht aan. We gaan dieper in op vragen als: ‘Wanneer is het mis gegaan en waarom is het mis gegaan?’ Vervolgens kijken we samen hoe ze dit in de toekomst kunnen voorkomen.

Niet alleen de dag, maar ook het tijdstip waarop HIV medicatie ingenomen wordt, is zeer belangrijk. Daarnaast zijn de grootte van het in te nemen medicijn, de bijwerkingen en het innamemoment dat er bij hoort van invloed op deze keuze. Tot voor kort moesten patiënten soms wel tot zes pillen per dag innemen. Gelukkig zijn er tegenwoordig gecombineerde tabletten te krijgen. Hierdoor kunnen we innamemomenten terugdringen tot één of twee per dag. Patiënten hebben een uur de tijd om hun medicatie in te nemen. Van een half uur vóór het geplande innamemoment tot een half uur erna.

Hoe zorgt u ervoor dat uw patiënten therapietrouw zijn?
Het toverwoord in deze is voorbereiden. Daarnaast zijn er enkele hulpmiddelen die we in kunnen zetten.

  • Motivatie bevorderen door keuzemogelijkheden. We merken dat een eigen keuze in medicatie de motivatie van een patiënt bevordert.
  • MEMS caps. MEMS- of memory-caps zijn geïntegreerd in de verpakking van een medicijn. Het registreert wanneer een verpakking geopend wordt en weer dicht gaat. MEMS caps bieden ons de mogelijkheid om direct inzicht te krijgen in de therapietrouw van een patiënt. Met deze data kunnen we ook zien op welke momenten het mis gaat. Vervolgens bespreken we met de patiënt waarom het juist op dat moment mis gaat en kijken we naar mogelijkheden om dit op te lossen.
  • Herinneringsmomenten inbouwen. Therapieontrouw wordt bij HIV patiënten bijna altijd veroorzaakt doordat ze medicatie gewoon vergeten. Herinneringen zijn dus heel belangrijk. Herinneringen kunnen in verschillende vormen voorkomen. Bijvoorbeeld op een vast moment van de dag, zoals het Achtuurjournaal. Daarnaast zijn er verschillende wekkers die kunnen helpen met herinneringen in de vorm van alarmen. Maar zeker ook het inschakelen van de mantelzorger of partner helpt.

HIV patiënten weten dat ze gezond oud kunnen worden, als ze hun pillen maar innemen. Vaak proberen we ook de intrinsieke motivatie van de patiënt aan te spreken om therapietrouw te bevorderen. We hebben het over de doelen die ze willen bereiken in hun leven. Pillen innemen betekent doelen bereiken. We helpen onze patiënten gezond oud te worden.

We hebben een experiment gedaan waarbij we gezamenlijke medische consulten organiseerden. Dit betekende dat alle patiënten die een afspraak hadden in de middag bij elkaar zaten. Hierbij woonden de patiënten elkaars consult bij. Zo konden ze, naast het gespek met hun behandelaar, direct met elkaar in gesprek gaan en adviezen geven. HIV patienten staan open voor gesprekken met lotgenoten. Dit contact is een van de sterkste middelen die er is. Daarnaast maakt het voor ons tijd vrij om ons te concentreren op onze vakinhoudelijke kant, zoals uitslagen beoordelen.

Kunt u aangeven hoe u inzicht krijgt in de therapietrouw van uw patiënten?
Zoals eerder besproken kunnen we inzicht krijgen in de therapietrouw van onze patiënten door het uitlezen van MEMS caps. Maar er zijn meerdere hulpmiddelen.

We houden intensief contact met apotheken. Deze trekken aan de bel als ze zien dat de medicatie bestellingen niet kloppen met de verwachte inname en scheef loopt.

Daarnaast vragen we patiënten zelf naar hun therapietrouw. Hierin nemen we een coachende rol aan.

Wat ziet u als belangrijkste oorzaken van therapieontrouw bij uw patiënten?
De belangrijkste oorzaken zijn onbewust. Niemand wil overlijden of ziek worden. De oorzaak is dus bijna altijd dat mensen hun medicatie vergeten. Doordat ze op dat moment andere prioriteiten hebben, zoals de kinderen van school halen of een andere dagindeling op zaterdag.

Daarnaast onderscheiden we nog een tweede groep in de HIV populatie. Dat zijn mensen die drugs in hun levensstijl hebben opgenomen. Deze mensen zoeken vaak de grenzen van sex en drugs op of gaan eroverheen onder invloed van drugs. Hierbij vervagen ook andere grenzen, zoals op tijd innemen van medicatie of nemen van de juiste voorzorgsmaatregelen.

Wat doet u als patiënten gaan reizen of op een andere manier uit hun dagelijkse ritme treden?
Als mensen gaan reizen, helpen we ze met plannen van hun medicatie. Bijvoorbeeld om voor te rekenen hoeveel medicatie ze mee op reis moeten nemen. Het wordt vaak ingewikkeld als hun reis meerdere tijdzones bestrijkt. In dat geval zullen we voorstellen om de tijd tussen innames wat te verkorten. Verlengen van de tijd tussen de innames mogen we nooit met HIV medicatie.

Hoe gaat u om met patiënten die bewust hun medicatie niet innemen?
Dit gebeurt niet vaak. Er zijn patiënten die bewust afwijken van hun medicatie schema, omdat dit hen niet uitkomt. Ook zijn er patiënten die geen medicatie willen. Wij hebben liever dat ze helemaal geen medicatie innemen, dan dat ze hun medicatie half innemen. Dit laatste leidt namelijk tot resistentie en dan zijn de opties verder beperkt.

Het is onze taak om de patiënt de consequenties van hun gedrag te laten weten. Consequenties zijn dat de ziekte terug kan komen of dat er resistentie kan ontstaan. Dit heeft tot gevolg dat we de patiënt minder goed kunnen helpen.

De keuze is uiteindelijk aan de patiënt zelf. Wij zijn geen controleurs, maar coaches. Als coach zorgen we vanaf het eerste gesprek dat dingen bespreekbaar zijn.

Meer dan 90% van onze patiënten is therapietrouw. Dit kunnen we meten in het bloed. Wanneer het HIV virus niet aanwezig in het bloed, zijn onze patiënten therapietrouw.

Alles komt uiteindelijk neer op investering in de relatie, zorg, aandacht, begeleiding en tijd.

Denkt u dat eHealth kan helpen om therapietrouw te verbeteren?
Ja natuurlijk! Apps, virtuele coaches, dagboek met beloning, health buddies en skype consulten dragen bij aan het verbeteren van therapietrouw. Beeldbellen is al fijner dan gewoon bellen.

Bent u bekend met eHealth-toepassingen die bedoeld zijn om therapietrouw te verbeteren?
Waarschijnlijk zijn er nog wel meer dan ik zojuist genoemd heb. Bijvoorbeeld een chatbox, appgroep of forum, waar mensen elkaar kunnen motiveren en coachen.

Voor algemene therapietrouw en in het bijzonder HIV medicatie zijn er speciale apps zoals respectievelijk MedApp en Happy App. Maar er zijn er vast meer. Voor mij is het belangrijk dat mensen die app kiezen, die het beste bij hen past.

Jolanda Schippers, Verpleegkundig Specialist

Jolanda Schippers, Verpleegkundig Specialist

Mijn medicijn werkt niet. Wat moet ik doen?

3 minuten lezen

Veel mensen hebben moeite met juiste inname van medicatie. Medicijnen worden dan te laat of zelfs helemaal niet ingenomen. Dit kan onbewust zijn, bijvoorbeeld doordat de medicijnen worden vergeten, maar dat hoeft niet. Soms kiezen mensen er bewust voor om hun medicatie niet in te nemen. Wanneer mensen bewust of onbewust hun medicatie niet innemen, kan dat veel redenen hebben. Soms merken ze bijvoorbeeld geen verschil na het starten met of stoppen van een medicijn. Wat kunt u in zo’n geval het beste doen? Dat bespreken we in deze blog. De andere blogs over bewuste therapieontrouw vindt u hier.

Waarom werken medicijnen soms niet?

Er zijn allerlei redenen waarom medicijnen niet de gewenste werking hebben. Soms ligt dat bijvoorbeeld aan het medicijn zelf, aan de manier waarop uw lichaam op de medicijnen reageert of aan de manier waarop u uw medicijnen inneemt. Dit zijn de meest voorkomende redenen:

  1. U neemt uw medicijn niet op het juiste moment van de dag. Uw lichaam wordt gestuurd door een biologische klok en die heeft effect op onder andere de hormoonhuishouding. Ook uw organen houden zich elk aan hun eigen klok. Bij geneesmiddelen is bijvoorbeeld het activiteitsniveau van de lever zeer bepalend en dat niveau is niet constant gedurende de dag en de nacht.
  2. U heeft andere aandoeningen waardoor het medicijn niet goed werkt. Zo kunnen bepaalde hormonen, uw spijsvertering of maagaandoeningen negatieve effecten op de werking van een geneesmiddel hebben.
  3. U volgt een dieet of eet dingen die de werking van het medicijn beïnvloeden. Zo is bekend dat melk en grapefruitsap effect hebben op de werking sommige geneesmiddelen.
  4. Uw levensstijl kan effect hebben op een medicijn. Zo kan roken, weinig bewegen of een hoog lichaamsgewicht ervoor zorgen dat medicijnen niet werken zoals ze bedoeld zijn.
  5. U arts heeft uw aandoening verkeerd ingeschat, waardoor u verkeerde medicijnen heeft gekregen.
  6. De keuringseisen voor het testen van de werking van het medicijn zijn onjuist. Alle medicijnen moeten klinische testen ondergaan. De criteria die de medicijnautoriteit daaraan stelt, kunnen te laag zijn, waardoor de tests te beperkt zijn.
  7. U neemt uw medicijn niet op de juiste manier in. Zo kan een pil die langzaam de werkzame stof afgeeft, niet zomaar tot poeder geplet worden.
  8. U bent ongevoelig voor het medicijn en bent beter gebaat bij een ander medicijn of een natuurlijk product.
  9. Het medicijn heeft langer nodig om effect te hebben. Niet iedereen is gelijk en het kan zijn dat u eerder effect had verwacht, maar dat dat bij u op zich laat wachten. Hetzelfde geldt als u stopt met een medicijn. Het kan zijn dat u in het begin geen negatief effect merkt, maar dat dat veel later wel gaat optreden.

Wat kunt u doen als uw medicijn niet werkt?

Wij raden u met klem aan niet zelf te experimenteren met een andere manier van inname. Ook is het niet verstandig zomaar te stoppen met een medicijn. De negen redenen die hierboven staan, zijn slechts een greep uit alle mogelijke redenen waarom uw medicijn niet optimaal werkt.

Ga juist in gesprek met uw arts of apotheker. Laat zien welke medicijnen u gebruikt en op welk moment u ze gebruikt. Met de wekker van MedApp heeft u daar een goed overzicht van. Ben volledig en bespreek ook uw levensstijl en dieet. Ben open en eerlijk, zodat de arts of apotheker een volledig beeld van u krijgt. Zoek dan samen naar een oplossing.

Heeft u zelf nog tips over hoe u bent omgegaan met medicijnen die niet werken? Breng anderen dan op een idee en laat een reactie achter.

Wilt u geen tips missen? Schrijf u dan in voor onze nieuwsbrief.

Wat als u veel medicijnen tegelijk gebruikt?

3 minuten lezen

Veel mensen hebben moeite met juiste inname van medicatie. Medicijnen worden dan te laat of zelfs helemaal niet ingenomen. Dit kan onbewust zijn, bijvoorbeeld doordat de medicijnen worden vergeten, maar dat hoeft niet. Soms kiezen mensen er bewust voor om hun medicatie niet in te nemen. Wanneer mensen bewust of onbewust hun medicatie niet innemen, kan dat veel redenen hebben. Soms gebruiken ze veel medicijnen tegelijk. Hoe u daarmee om kunt gaan, leest u in deze blog. De andere blogs over bewuste therapieontrouw vindt u hier.

Wat is veel?

Medicijnen zijn bijvoorbeeld alle middelen die een medische werking hebben. Medicijnen zijn dus niet alleen middelen die u via uw huisarts of apotheek krijgt voorgeschreven, maar ook middelen die u zelf, zonder recept, bij de drogist of supermarkt koopt. Kruidendrankjes, vitamines en pijnstillers zijn dus ook medicijnen. Er kunnen zelfs alledaagse voedingsmiddelen onder vallen, zoals melk en grapefruitsap, als die effect hebben op de werking van reguliere medicijnen.

Medicijnen beïnvloeden elkaar. Zo kan een arts voor één aandoening drie verschillende medicijnen voorschrijven, die samen beter werken dan alleen. Eén voor te hoge bloeddruk, één als bloedverdunner en één voor aderverwijding. Deze drie medicijnen zullen dan goed op elkaar afgestemd zijn.

Het kan echter zijn dat u medicijnen gebruikt waar de arts niet van op de hoogte is, zoals medicijnen uit de supermarkt. Als u dan nog meer medicijnen krijgt voorgeschreven, kan er een negatieve wisselwerking ontstaan, zoals bijvoorbeeld hoge bloeddruk of zelfs hartproblemen.

Medicijnen op tijd innemen

De meeste medicijnen neemt u op bepaalde tijden van de dag in. Dat kan per medicijn op een ander tijdstip zijn. Zeker als u veel medicijnen gebruikt kan dat tot verwarring leiden.

Gebruik daarom een intelligente medicijnwekker, die u er op de juiste momenten eraan herinnert welk medicijn u moet innemen. MedApp kan u hierbij prima helpen met de wekkers die u per medicijn kunt instellen.

De medicatiebeoordeling

Als u veel medicijnen gebruikt, kan het raadzaam zijn om elk half jaar in gesprek met uw arts of apotheek te gaan. Zoals u wellicht weet, wordt een huisartsconsult volledig vergoed door uw verzekeraar. U kunt in zo’n gesprek uw medicijncombinaties doornemen en eventuele klachten of bijwerkingen bespreken.

Het is zelfs raadzaam om af en toe een echte medicatiebeoordeling aan te vragen bij uw apotheker. Deze wordt in sommige gevallen ook vergoed door uw verzekeraar. Zo’n beoordeling gaat meestal in twee gesprekken. In het eerste gesprek neemt u uw medicatielijst door en vertelt u over eventuele klachten en bijwerkingen. De apotheker zal in samenspraak met uw arts een beoordeling uitvoeren en in een tweede gesprek met adviezen komen. Om u goed voor te bereiden op zo’n gesprek, is het handig dat u een logboek bijhoudt van eventuele klachten en bijwerkingen en een lijst van medicijnen. Ook hierin kan MedApp u prima ondersteunen met de medicijnlijst en het dagboek.

Het IVM (Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik) heeft een handige folder gemaakt, waarin zij nog meer details, voorbeelden en tips geven: wijs met medicijnen.

Heeft u zelf nog tips over hoe u met veel medicijnen omgaat en therapietrouw blijft? Breng anderen dan op een idee en laat een reactie achter.

Wilt u geen tips missen? Schrijf u dan in voor onze nieuwsbrief.

Wat als u niet begrijpt hoe u uw medicijn moet gebruiken?

3 minuten lezen

Veel mensen hebben moeite met juiste inname van medicatie. Medicijnen worden dan te laat of zelfs helemaal niet ingenomen. Dit kan onbewust zijn, bijvoorbeeld doordat de medicijnen worden vergeten, maar dat hoeft niet. Soms kiezen mensen er bewust voor om hun medicatie niet in te nemen. Wanneer mensen bewust hun medicatie niet innemen, kan dat veel redenen hebben. Soms begrijpen ze niet precies wat ze met hun medicijnen moeten doen, zoals u kunt lezen in deze blog. De andere blogs over bewuste therapieontrouw vindt u hier.

Waar komt onbegrip over medicijngebruik vandaan?

Tijdens een gesprek met uw huisarts of apotheek krijgt u uitleg over uw medicijnen. Soms komt de uitleg echter niet goed over of blijft de informatie niet hangen. Dat kan komen doordat uw huisarts moeilijke woorden gebruikt of uw situatie verkeerd inschat. Het kan ook zo zijn dat u zelf bent afgeleid tijdens het gesprek en de informatie daarom niet blijft hangen. Daarnaast kunt u worden overrompeld door alle informatie, waardoor u niet alles kunt onthouden.

Goede communicatie is dus erg belangrijk. Bij goede communicatie spelen twee partijen een rol: u draagt zelf dus ook bij aan juiste communicatie. Wat kunt u zelf doen om de communicatie te verbeteren?

De huisarts is net een winkel

Vroeger hadden we veel respect voor artsen en plaatsten we ze op een voetstuk. De tijden zijn echter veranderd. Hoewel we artsen nog steeds respecteren als expert op hun vakgebied, zien we onszelf tegenwoordig veel meer als klant van iemand die een dienst verleent. Daar zit de sleutel tot een andere manier van praten met de huisarts of apotheek.

Een huisarts – of apotheek – is er bij gebaat dat u een zo goed mogelijke behandeling krijgt. Dat is een samenspel tussen u en hen. Net zoals u in een winkel goed geholpen wilt worden, geldt dat voor een huisarts ook. In een winkel vraagt u ook naar alle mogelijkheden, past u allerlei kleding, bekijkt u uitgebreid alle producten. Diezelfde aanpak kunt u ook bij een huisarts hanteren.

Vraag dus naar alternatieven. Vraag door als u iets niet begrijpt of neem later contact op met uw huisarts of apotheek als u nog met vragen zit. Ben daarnaast zo eerlijk en volledig mogelijk als u uw medicatie bespreekt. Ook kan het fijn zijn om iemand mee te nemen naar het gesprek: twee horen en onthouden meer dan één. Kom in ieder geval goed voorbereid bij uw huisarts of apotheek.

Hoe een moderne huisarts omgaat met patiënten

Huisartsen verwachten bovenstaande aanpak ook van u, zoals blijkt uit deze citaten:

“Vroeger zagen mensen de dokter veel meer op een voetstuk staan: hij beslist het allemaal en ik als patiënt luister wel. Ik heb dat nooit goed gevonden, ik ben echt iemand van het overleg, waar beide partijen een bijdrage leveren en samen kom je tot een oplossing.” – huisarts dr. Stuurman (Radar)

“Elke patiënt is de expert op het gebied van zichzelf.” – Paul Brand, kinderarts in Arts & Auto.

Tips voor een goede voorbereiding

Op het internet zijn veel praktische tips te vinden over de voorbereiding van het gesprek met uw huisarts. U vindt bijvoorbeeld 10 goede tips op de site van Huisartsenpraktijk de Watertoren. Wij vatten ze hier voor u samen.

  1. Weet wat u wilt vragen en wat u verwacht;
  2. Bedenk van tevoren altijd: waarom kom ik nu, met deze klacht, naar deze dokter;
  3. Wees altijd eerlijk;
  4. Wees redelijk in uw vragen;
  5. Weet welke medicijnen u slikt;
  6. Vermeld bijzonderheden;
  7. Neem iemand mee;
  8. Spaar geen vragen op;
  9. Controleer aan het eind van het consult of u de arts goed begrepen heeft;
  10. Ga uit van de volgende regel: de arts schiet tekort als ik de uitleg niet snap, maar ik ben zelf verantwoordelijk om te zeggen dat ik het niet kan volgen.

Heeft u zelf nog tips over hoe u uw begrip over uw medicijnen heeft verbeterd? Breng anderen dan op een idee en laat een reactie achter.

Wilt u geen tips missen? Schrijf u dan in voor onze nieuwsbrief.

Is besparen op medicijnen een goed idee?

3 minuten lezen

Veel mensen hebben moeite met juiste inname van medicatie. Medicijnen worden dan te laat of zelfs helemaal niet ingenomen. Dit kan onbewust zijn, bijvoorbeeld doordat de medicijnen worden vergeten, maar dat hoeft niet. Soms kiezen mensen er bewust voor om hun medicatie niet in te nemen. Wanneer mensen bewust hun medicatie niet innemen, kan dat veel redenen hebben. Soms speelt er een ook een financieel aspect, zoals u kunt lezen in de blog. De andere blogs over bewuste therapieontrouw vindt u hier.

Welke financiële redenen zijn er voor niet-medicijngebruik?

Op financieel gebied zijn er grofweg drie redenen waarom mensen hun medicatie bewust niet innemen zoals voorgeschreven. De eerste daarvan heeft betrekking op het eigen risico. Als het eigen risico van de zorgverzekering nog niet volledig is verbruikt, zijn mensen eerder geneigd de nodige medicatie niet te gebruiken. Ook is het mogelijk dat de verzekering het medicijn niet vergoedt en dat het te duur is om zelf te betalen. Als laatste is het mogelijk dat bijvoorbeeld het ziekenhuis het medicijn te duur vindt en het daarom niet voorschrijft.

Vooral bij de eerste reden heeft u de mogelijkheid om anders te beslissen, ook al is dat soms moeilijk. Wat kunt u zelf doen als u wel weet dat u het medicijn nodig heeft, maar u het lastig vindt om daar geld voor uit te geven?

Effect van keuzes op lange termijn

Soms is het lastig om te beslissen waar u wel of geen geld aan uitgeeft, zeker als uw budget beperkt is. Deze keuzes zijn extra moeilijk als de voordelen van uw medicijn pas op langere termijn gaan spelen.

Als mens hebben we moeite met beslissingen die pas op lange termijn effect hebben. We zijn eerder geneigd om naar de effecten in de nabije toekomst te kijken. Denk maar eens aan een boete voor te snel rijden. Als die pas na twee maanden op de mat valt, voelt u de relatie met de overtreding niet meer zo. Als diezelfde boete binnen twee dagen op de mat valt, heeft dat veel meer impact.

Wilt u toch graag budget opzij zetten voor medicijnen en u ook aan die keuze houden? Dan raden wij u aan om te bedenken hoe uw leven eruit ziet over tien of twintig jaar.

Een gesprek met uw toekomstige zelf

Wij mensen zijn in de unieke omstandigheid dat we onszelf de toekomst kunnen voorstellen. Het idee erachter is dat u zich actief gaat voorstellen wat de effecten op lange termijn zijn. Met andere woorden: hoe ziet uw leven er in de toekomst uit als u wel of geen medicijn gebruikt.

De beste methode hiervoor is opschrijven hoe uw toekomstige zelf zal leven. Welke dingen u nog wel en niet meer kunt doen. Welke dingen nu belangrijk voor u zijn en welke dingen u graag in de toekomst wilt blijven doen. Door dat op te schrijven, maakt u het concreet.

Om u echt voor te stellen hoe u eruitziet in de toekomst, is er een leuke gratis app: oldify. Daarmee maakt u een foto van uzelf. In de app kunt u dan zien hoe u er over 10, 20 of 50 jaar uitziet. Met die foto voor u, kunt u wellicht een goed beeld schetsen van uzelf in de toekomst.

Wilt u zichzelf later weer inspireren, lees dan nog eens uw toekomstbiografie door.

Andere tips

Naast de aanpak die hierboven beschreven is, kunt u natuurlijk nog andere dingen doen. Het programma Radar heeft bijvoorbeeld deze vier tips op hun site gezet:

  • Meldt u aan voor het Zorgalert van de Consumentenbond;
  • Kiest u voor een vrijwillig eigen risico, houdt dan altijd geld achter de hand;
  • Controleer wat uw aanvullende verzekering dekt;
  • Heeft u uw eigen risico opgemaakt? Dan kunt u ervoor kiezen om nog dit jaar een nieuwe voorraad medicijnen aan te schaffen.

Heeft u zelf nog tips over hoe u met financiële zaken rond uw medicijngebruik bent omgegaan? Breng anderen dan op een idee en laat een reactie achter.

Wilt u geen tips missen? Schrijf u dan in voor onze nieuwsbrief.

Omgaan met angst voor bijwerkingen van medicijnen

3 minuten lezen

Veel mensen hebben moeite met juiste inname van medicatie. Medicijnen worden dan te laat of zelfs helemaal niet ingenomen. Dit kan onbewust zijn, bijvoorbeeld doordat de medicijnen worden vergeten, maar dat hoeft niet. Soms kiezen mensen er bewust voor om hun medicatie niet in te nemen. Daarvoor zijn zes belangrijke redenen te bedenken, waarvan we de eerste in deze blog bespreken: angst voor bijwerkingen. De andere vijf vindt u hier.

Wat is angst voor bijwerkingen?

Iedereen gebruikt natuurlijk het liefst geen of zo weinig mogelijk medicijnen. Want vaak zien we alleen de negatieve kanten van medicijngebruik. Dat wordt nog versterkt door de verhalen die we van anderen horen. We onthouden immers alleen de negatieve verhalen. En dat is onterecht. Door de angst voor bijwerkingen, nemen we onze medicijnen niet. En dat kan weer leiden tot langer herstel, onnodige ziekenhuisopnames of uitval tijdens werk of vrije tijd.

Door de angst voor bijwerkingen realiseren we ons vaak onvoldoende wat de voordelen zijn: ze verminderen de lichamelijke of psychische klanten en zorgen voor betere leefomstandigheden in het algemeen.

Irrationeel

Angsten zijn vaak irrationeel. Zo zijn mensen met claustrofobie bang voor kleine ruimtes, terwijl ze eigenlijk niets kan gebeuren in die ruimtes. Als u zich dat beseft, maakt dat het gemakkelijker uw angst om te zetten in een rationele emotie. Probeer daarom eens naar feiten op zoek te gaan. Feiten geven u een objectieve houvast: ze maken het mogelijk om u te overtuigen en om uw gevoel met anderen te delen.

Op zoek naar feiten

Moeite met het verzamelen van feiten? Dat begrijpen wij. Hieronder vindt u daarom een stappenplan voor het verzamelen van feiten. Daarnaast staat beschreven wat u met die verzamelde feiten kunt doen.

  1. Lees de bijsluiter en schrijf op welke bijwerkingen op u van toepassing zijn. Daarmee maakt u de lijst van potentiële bijwerkingen een stuk korter. Bijsluiters vindt u in MedApp.
  2. Zodra u begint met uw medicijngebruik, let u specifiek op of u de opgeschreven bijwerkingen herkent.
  3. Maak een dagboek. Ook dat kan in MedApp. Schrijf daarin op hoe u zich voelt en welke bijwerkingen u herkent uit de lijst. Schrijf ook op wat u precies van de bijwerkingen merkt. Geef de heftigheid een cijfer.
  4. Stel uzelf vooraf vragen als ‘Hoe heftig is de bijwerking?’, ‘Merk ik de bijwerking vaker op?’, ‘In welke situaties treden de bijwerkingen op?’, ‘Zijn de bijwerkingen serieus?’ en schrijf dit ook op in uw dagboek.
  5. Bespreek uw dagboek met iemand die u goed kent en waar u respect voor heeft. Bespreek vooral ook de antwoorden die u in stap vier heeft opgeschreven.
  6. Als u na zo’n gesprek vindt dat de bijwerking serieus is, neem dan contact op met uw behandelend arts of apotheek.

Bijwerkingen? Maak ze concreet

Bijwerkingen kunnen optreden. Met het stappenplan kunt u in ieder geval concreet maken óf en wélke bijwerkingen u eventueel ervaart. En bij twijfel neemt u natuurlijk altijd contact op met uw apotheek of arts.

Heeft u zelf nog tips, help anderen en laat ze hieronder in de reactie achter.

Wilt u geen tips missen? Schrijf u dan in voor onze nieuwsbrief.

Bewust uw medicijnen niet innemen: is dat verstandig?

2 minuten lezen

Veel mensen hebben moeite met juiste inname van medicatie. Medicijnen worden dan te laat of zelfs helemaal niet ingenomen. Dit kan onbewust zijn, bijvoorbeeld doordat de medicijnen worden vergeten, maar dat hoeft niet. Soms kiezen mensen er bewust voor om hun medicatie niet in te nemen. Wanneer mensen bewust hun medicatie niet innemen, kan dat veel redenen hebben. In de komende blogreeks gaan we dieper op de belangrijkste redenen in en geven we u tips hoe u hiermee om kunt gaan.

Wat is therapietrouw en waarom is het belangrijk?

Volgens de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie, KNMP verstaan we onder therapietrouw dat u zich aan de met uw zorgverlener afgesproken behandeling en medicijngebruik houdt.

Recente Nederlandse cijfers laten zien dat gemiddeld één op de vier mensen die langdurig medicijnen gebruikt, zich niet aan het voorgeschreven medicatieplan houdt.

Naast financiële consequenties voor de hele zorgsector, die in de honderden miljoenen loopt, kunt u ook zelf negatieve gevolgen ondervinden van verkeerd medicijngebruik. Uw klachten kunnen bijvoorbeeld verergeren of u krijgt last van bijwerkingen.

Sommige mensen nemen hun medicijnen niet regelmatig in omdat het innemen nog geen onderdeel van de dagelijkse routine is geworden. Soms kiezen mensen er ook bewust voor om af te wijken van het behandelplan. De blogreeks zal voornamelijk over dat laatste gaan.

De meest voorkomende redenen van bewuste therapieontrouw

Veel artikelen noemen uiteenlopende redenen van therapieontrouw. Zo schrijft het vakblad Nursing over de oorzaken van therapieontrouw en noemt een aantal bewuste en onbewuste oorzaken. Denk daarbij aan bijvoorbeeld angst voor medicijnverslaving of vergeten medicijnen mee te nemen bij een dagje uit.

Wie het internet doorzoekt naar bewuste redenen van therapieontrouw, komt de volgende lijst vaak tegen:

Wat kunt u zelf doen om therapieontrouw te voorkomen?

In de volgende artikelen die gaan verschijnen, gaan we dieper in op elk van de bovengenoemde redenen. We geven u praktische tips en handige links en kondigen artikelen aan in onze nieuwsbrief.

Wilt u geen tips missen? Schrijf u dan in voor onze nieuwsbrief.

Arts aan het woord: eHealth

4 minuten lezen

Wanneer een patiënt zijn of haar medicatie niet inneemt zoals de arts dat heeft voorgeschreven, dan is de patiënt niet therapietrouw. Therapieontrouw heeft grote gevolgen, voor zowel de patiënt als de maatschappij. Het herstel van de patiënt duurt bijvoorbeeld langer, of de ziektelast is groter. In dat geval moet de patiënt vaker naar het ziekenhuis, wat weer gevolgen heeft voor de kosten van de zorg. Hoe gaan artsen daar mee om? Zij kunnen de patiënt immers niet dwingen. We vroegen dr. Guus Schoonman daarom naar zijn ervaringen met therapieontrouw.

Kunt u kort uitleggen wie u bent en wat u doet?
Mijn naam is Guus Schoonman en ik ben neuroloog in het Elisabeth-Tweesteden Ziekenhuis in Tilburg. Daar werk ik nu zo’n vijf jaar, met specialisaties op de gebieden hoofdpijn en acute neurologie. Daarnaast biedt het ETZ een A-opleiding voor neurologie, waar ik help bij het opleiden van assistenten tot neurologen. Onze afdeling krijgt zo’n twintig duizend nieuwe patiënten per jaar. De aandoeningen van deze patiënten verschillen: we behandelen mensen met bijvoorbeeld migraine en bewegingsstoornissen, maar ook patiënten met Parkinson of een beroerte.

Behandelt u patiënten ook langdurig met medicatie en welke patiënten zijn dit?             
Jazeker. Ik werk veel op de hoofdpijnpoli, waar patiënten met migraine, spanningshoofdpijn en clusterhoofdpijn naartoe komen. Soms zijn deze aandoeningen chronisch of komen ze wisselend terug. Die patiënten begeleid ik dan bij een langer traject. Op de algemene poli is dat wat minder. Er speelt dan vaak een acuut probleem bij een patiënt, waarvan hij of zij wil weten wat er aan de hand is. Deze patiënten kunnen voor hun behandeling vaak terecht bij hun huisarts en zien we daarna dus niet meer terug.

In welke mate beïnvloedt therapietrouw de uitkomsten van uw patiënten?
Dat is lastig te zeggen. Hoofdpijn komt heel veel voor: twee derde van de Nederlandse bevolking heeft er wel eens last van. Vier of vijf procent van de Nederlanders heeft bijna dagelijks hoofdpijn en een deel daarvan is niet goed te genezen. Soms verminderen de klachten van onze patiënten niet en dan is het lastig te bepalen waar dat aan ligt. Neemt de patiënt zijn of haar medicatie niet goed in of slaat de behandeling niet aan?

Hoe probeert u dan te achterhalen of de patiënt therapietrouw is geweest of niet?
Je gaat dan af op het verhaal van de patiënt. Je moet goed doorvragen over de medicijninname van de patiënt. Hoe heeft de patiënt het ingenomen? Waren er belemmeringen of problemen bij het innemen? Als de patiënt niet therapietrouw is geweest, komt dat op deze manier vaak wel naar voren. Als blijkt dat de patiënt zijn of haar medicatie wél goed heeft ingenomen, dan is het lastig te bepalen waarom hij of zij nog steeds aanvallen krijgt. Therapieontrouw is slechts één van de vele oorzaken voor het uitblijven van effectiviteit van behandelingen.

Wat ziet u als belangrijkste oorzaken van therapieontrouw bij uw patiënten?     
Verkeerde verwachtingen van de patiënt over de effectiviteit van de behandeling. Patiënten verwachten vaak dat hun medicatie al na een week werkt. Als arts moet je dus duidelijk uitleggen dat medicijnen pas na vier weken gaan werken. Ook vervelende bijwerkingen kunnen ervoor zorgen dat een patiënt zijn of haar medicatie niet goed inneemt. Soms speelt twijfel ook een rol. Patiënten laten zich op de poli overrompelen en eenmaal thuis bedenken ze zich soms dat ze liever toch geen medicijnen willen slikken. Mensen ervaren pillen over het algemeen als slecht voor het lichaam. Ze willen daarom liever geen behandeling met medicijnen, behalve als deze meteen werkt.

Hoe gaat u om met patiënten die bewust hun medicijnen niet innemen?             
De patiënt staat aan het roer, artsen hebben slechts een consulterende rol. Als de patiënt besluit dat hij of zij iets niet wil innemen, dan is dat de patiënt’s goed recht. Ik moet dat accepteren. Ik leg de voor- en nadelen uit aan de patiënt en hoop dat hij of zij daar genoeg motivatie uit haalt om zich aan de behandeling te houden. Shared decision making is hier het toverwoord: je maakt beslissingen in overleg met de patiënt. Uiteindelijk is juiste inname van medicatie ook de verantwoordelijkheid van de patiënt. Als de behandeling niet aanslaat omdat de patiënt zijn of haar medicijnen niet goed inneemt, dan is dat natuurlijk erg vervelend, maar de relatie tussen arts en patiënt is gebaseerd op vertrouwen. Stiekem checken of de patiënt zich wel echt aan de afspraken houdt, is een uiting van wantrouwen. Dat wil je als arts voorkomen.

Hoe zorgt u ervoor dat uw patiënt zijn of haar medicatie op de juiste manier inneemt?
Voornamelijk door uit te leggen wat de voor- en nadelen van een behandeling zijn. Er zijn patiënten die een week na het eerste consult opbellen en willen overleggen. Daar is natuurlijk altijd ruimte voor. De hoofdpijnpoli wordt over het algemeen bezocht door jonge mensen, van tussen de twintig en vijftig jaar. Oudere patiënten hebben ook behoefte aan informatie, maar raken ook nog eens snel het overzicht kwijt. In Nederland is patiëntinformatie verspreid over verschillende platformen. Ik zou liever één overzicht hebben, dat zowel voor de patiënt als voor alle zorgverleners beschikbaar is. Als ik bijvoorbeeld een medicijn stopzet bij een patiënt, dan is de apotheek daar niet automatisch van op de hoogte. Als de huisarts vervolgens met een ander medicijn start, dan ontstaat er chaos.

Wat zijn de gevaren van het gebrek aan overzicht?        
Het gebrek aan overzicht leidt tot heel veel fouten. Wanneer wij een patiënt met een hersenbloeding op de eerst hulp krijgen, dan is het van groot belang dat wij zo snel mogelijk weten of hij of zij bloedverdunners slikt. Het zou daarom heel fijn zijn als de patiënt zélf in beheer is van een actueel overzicht. Het Landelijk Schakelpunt is bezig met het verbeteren van overzicht, maar tot nu toe wint privacy het van veiligheid. eHealth is echter het toverwoord van de toekomst. Via patiëntportalen kunnen patiënten nu bijvoorbeeld reageren op fouten in hun overzicht. De gezondheidszorg is bezig met een digitalisatieslag. Veel ziekenhuizen en apotheken maken bijvoorbeeld al gebruik van portalen. Het is nu nog zaak dat daar een schakel tussen komt: ergens moet de data worden opgeslagen.

Denkt u dat eHealth-toepassingen u meer inzicht kunnen geven in de therapietrouw van uw patiënten?
Ja, dat weet ik zeker. Ik vermoed dat iedereen in de toekomst een Persoonlijke Gezondheidsomgeving heeft. Net als bij de bank, daar is ook sprake van een online inlogomgeving. Als een patiënt wordt opgenomen, dan kan hij of zij de inloggegevens van zijn of haar PGO aan het ziekenhuis geven. Artsen hebben dan snel goed zicht op het ziektebeeld van de patiënt. Ook stelt eHealth patiënten in staat om bij te houden hoeveel medicijnen ze innemen. In MedApp kun je bijvoorbeeld zien of iemand therapietrouw is of niet.  Als de hoofdpijn van de patiënt niet is verminderd, terwijl hij of zij wel therapietrouw is, dan weet je dat de blijvende hoofdpijn niet door onjuiste inname van medicatie wordt veroorzaakt.

Welke problemen ondervindt u op dit moment bij de implementatie van eHealth-toepassingen in uw praktijk?
Op dit moment ben ik één van de vijf dokters die betrokken zijn bij de digitalisering van het ziekenhuis. De digitale revolutie is al aan de gang bij banken en dergelijke, maar de zorg blijft nog achter. Iedereen realiseert zich dat en sommige zorgprofessionals vinden deze revolutie maar niets. Ik ben er echter van overtuigd dat het gaat plaatsvinden. Ik denk dat het aantal bezoekers van de poli over vijftien jaar is gehalveerd. In plaats van fysieke bezoeken, zullen patiënten dan voornamelijk aan telemonitoring of teleconsulten doen. Misschien gaat het nog wel veel verder dan dat. Het is mogelijk dat de patiënt zichzelf nuldelijnszorg gaat verlenen, bijvoorbeeld door zijn of haar symptomen door te geven aan een app, die daar een waarschijnlijkheidsdiagnose voor teruggeeft. Wie weet, er is zoveel mogelijk.

De zorgkosten verlagen? Dat doen we samen!

2 minuten lezen

De stijgende zorgkosten leiden tot heftige discussies. Enerzijds vinden wij namelijk dat de zorg voor iedereen toegankelijk en betaalbaar moet zijn. Anderzijds verwachten wij ook de beste zorg voor onszelf, waardoor hogere zorgkosten wel te verklaren zijn. Een lastige situatie, maar niet zonder oplossing: zelf kunnen wij namelijk ook veel doen om de zorgkosten te verlagen!

Stijgende kosten

Het stijgen van de zorgkosten heeft verschillende oorzaken. De Nederlandse bevolking wordt bijvoorbeeld steeds ouder en ouderen hebben meer zorg nodig. Daarnaast zijn er nu veel meer behandelingen mogelijk dan vroeger: door nieuwe medicijnen kunnen we ziektes overleven waar we vroeger aan dood zouden zijn gegaan.

Daarnaast neemt ons zorggebruik toe. We gaan steeds vaker naar de huisarts of naar het ziekenhuis, waarbij we hogere eisen aan onze zorg stellen dan vroeger. Een bezoek aan een specialist is bijvoorbeeld duur en dus stijgen de zorgkosten.

De huisarts

Een goede band met onze huisarts kan ervoor zorgen dat we minder vaak naar het ziekenhuis gaan. Als wij onze huisarts vertrouwen, zijn we minder geneigd om bijvoorbeeld ook nog naar het oordeel van een specialist te vragen. Door onze bezoeken aan het ziekenhuis op die manier te beperken, blijven de zorgkosten lager.

Problematisch hier is de toegenomen druk op huisartsen. Huisartsen krijgen steeds minder tijd voor een consult, wat een goede vertrouwensband en de kwaliteit van de zorg in gevaar brengt. De Landelijke Huisartsvereniging probeert daarom de druk op huisartsen te verminderen, maar ook wij kunnen hierbij een belangrijke rol spelen.

eHealth

eHealth stelt ons in staat onze eigen zorg te monitoren. Mensen die thuis hun klachten, symptomen of verbeteringen monitoren, hebben een beter beeld van het verloop van hun behandeling. Daarnaast bieden sommige eHealth-toepassingen u de mogelijkheid om rapportages van uw klachten en dergelijke te maken. Op die manier komt u goed voorbereid naar het consult, dat dan ook sneller gaat.

eHealth helpt dus om de druk op huisartsen te verminderen, maar draagt ook op andere manieren bij aan het verlagen van de zorgkosten. In MedApp kunt u bijvoorbeeld uw medicijnvoorraad bijhouden en wekkers zetten op de momenten dat u medicatie moet innemen. MedApp zorgt er dus voor dat u nooit meer zonder medicijnen zit én dat u uw medicatie niet vergeet in te nemen. Dit voorkomt verspilling en dat scheelt in de portemonnee. Zo krijgen we die zorgkosten dus wel omlaag!

Arts aan het woord: Therapietrouw

4 minuten lezen

Therapieontrouw betekent dat een patiënt zijn of haar medicijnen niet inneemt zoals de arts dat heeft voorgeschreven. Dit zorgt voor een langer herstel of een grotere ziektelast, waardoor de patiënt vaker naar het ziekenhuis moet. Therapieontrouw heeft daarom enorme gevolgen voor de kosten van de gezondheidszorg. Het probleem is echter lastig op te lossen: controle is moeilijk en patiënten kunnen niet worden gedwongen hun medicatie in te nemen. Wij ondervroegen daarom een arts over hoe zij met therapieontrouw omgaat.

Kunt u uitleggen wie u bent en wat u doet?

Mijn naam is Renske van der Meer en ik ben longarts in het Haga Ziekenhuis in Den Haag. Ik behandel voornamelijk volwassen patiënten met cystische fibrose, beter bekend als taaislijmziekte. Cystische fibrose is erfelijk en veroorzaakt infecties aan de longen. De levensverwachting is kort, namelijk zo’n 45 jaar. Enige tijd geleden was de levensverwachting echter nog maar 20 jaar. Het ziektebeeld beperkt zich niet alleen tot de longen: ook andere organen, zoals de lever en alvleesklier, worden soms aangetast.

Behandelt u patiënten langdurig met medicatie?

Jazeker, patiënten met cystische fibrose, maar ook patiënten met astma en COPD. Kenmerkend voor deze longziektes is dat ze chronisch zijn en dus langdurig worden behandeld. Patiënten met cystische fibrose nemen een heel scala aan medicijnen, zoals antibiotica en slijmverdunners. Daarnaast gebruiken patiënten thuis vernevelingen: medicijnen die via een apparaat als damp worden geïnhaleerd. Nemen patiënten hun medicijnen niet, dan krijgen bacteriën in hun longen vrij spel. Patiënten lopen dan het risico op infecties en opname in het ziekenhuis.

In welke mate beïnvloedt therapietrouw de uitkomsten van uw patiënten?

Therapieontrouw is niet de enige bepalende factor, maar wel heel belangrijk. De patiënten die niet therapietrouw zijn, zijn meestal de patiënten die we het vaakst in het ziekenhuis zien. Het is echter lastig om ervoor te zorgen dat onze patiënten therapietrouw zijn. Wij behandelen patiënten vanaf hun 18de jaar, daarvoor zien ze alleen de kinderarts. Kinderartsen nemen patiënten nog wat meer bij de hand en daarbij zien ouders er vaak op toe dat hun kind therapietrouw is. Bij ons worden de patiënten geconfronteerd met hun eigen verantwoordelijkheden en proberen we ouders meer aan de zijlijn te krijgen. Deze zelfstandigheid is lastig als je 18 bent. Als kind wil je leuke dingen doen, maar je moet ook al je medicijnen bijhouden. Ik probeer ze bij deze transitie te begeleiden.

Hoe krijgt u inzicht in de therapietrouw van uw patiënten?

Ons ziekenhuis heeft een eigen apotheek waar de meeste patiënten hun medicatie ophalen. Ik kan dus controleren wanneer een patiënt voor het laatst zijn of haar medicijnen heeft opgehaald. Als die datum niet overeenkomt met de datum uit mijn eigen gegevens, dan lijkt de patiënt niet therapietrouw. In dat geval bel ik vaak met de apotheek om te overleggen. Omdat patiënten met cystische fibrose veel medicijnen gebruiken, zien zij de apotheker vaak. Op basis van het overleg met de apotheker plannen wij eventueel een consult in met de patiënt. In dat consult nemen we alles met betrekking tot de medicijnen van de patiënt door. Moet de patiënt lang nadenken over je vragen, dan valt hij of zij door de mand. Wanneer je iedere dag dezelfde medicijnen neemt, hoef je daar namelijk niet lang over na te denken. Ook als patiënten niet reageren op hun medicijnen, ga je na of ze alles innemen zoals het hoort.

Hoe gaat u om met patiënten die bewust hun medicatie niet innemen?

Dat blijft lastig. Patiënten die bewust hun medicijnen niet innemen, zijn vaak bang voor chronische medicatie of vinden andere zaken op dat moment belangrijker. Als je ze als arts daarvoor veroordeelt, is de kans groot dat patiënten niet meer eerlijk zijn. Dat moet je zien te voorkomen. Je wilt namelijk geen dure onderzoeken doen over waarom de medicijnen niet aanslaan, als de patiënt ze simpelweg niet inneemt. Een goede band met je patiënten is daarom heel belangrijk. Meestal probeer ik met een tussenoplossing te komen, een oplossing op maat. Het is soms een kwestie van geven en nemen.

Wat ziet u als belangrijke oorzaken van therapieontrouw bij uw patiënten?

Gebrek aan tijd, want iedereen heeft het druk. Patiënten willen niet bezig zijn met hun ziekte, ze willen gewoon hun leven leiden. Vergeten is daarom minder belangrijk, want patiënten kunnen een wekkertje zetten. Daarnaast zijn vervelende bijwerkingen een reden voor patiënten om hun medicijnen niet in te nemen, zoals een vieze smaak bij inhalaties. Een laatste belangrijke oorzaak is denk ik onbegrip, dat patiënten niet weten hoe ze hun medicatie moeten innemen en wat het doel van hun medicatie is.

Hoe zorgt u ervoor dat uw patiënt zijn of haar medicatie op de juiste manier inneemt?

Ik maak samen met de patiënt een behandelplan, waarbij ik de patiënt betrek bij de keuzes die ik maak qua medicatie. Daarbij houd ik rekening met de voorkeur van de patiënt, bijvoorbeeld het aantal pufjes op een dag. Het is belangrijk dat ik uitleg waarom ik bepaalde medicijnen voorschrijf, zodat de patiënt betrokken raakt bij de behandeling. Met veel aandacht kom je denk ik een heel eind. Daarnaast is het van belang om ook begrip te hebben voor de situatie van je patiënten. Als een patiënt een feestje heeft op een zaterdagavond, is het niet gek dat hij of zij geen zin meer heeft om daarna nog te vernevelen. Als je daar begrip voor opbrengt, is de patiënt eerder bereid om zich op andere dagen wel aan zijn of haar behandelplan te houden.

Denkt u dat eHealth kan helpen om therapietrouw te verbeteren?

Ja, zeker bij deze groep. Ik behandel veel jonge patiënten, die bijna altijd een telefoon op zak hebben. eHealth kan het voor deze patiënten gemakkelijker maken om therapietrouw te zijn, doordat zij bijvoorbeeld via hun telefoon medicijnen kunnen bestellen. Ik denk dat dat het belangrijkste is, om het voor patiënten zo eenvoudig mogelijk te maken om hun medicijnen in te nemen. Als patiënten zo min mogelijk aan hun ziekte hoeven te denken, zijn ze veel bereidwilliger om het behandelplan te volgen. Toch blijft de implementatie van eHealth in het ziekenhuis beperkt. De ideeën zijn er wel, maar de uitvoering van deze ideeën blijft achter. Artsen bedenken geregeld projecten waarbij eHealth centraal staat, maar helaas is er vaak onvoldoende ICT-ondersteuning om dit te implementeren. Er zijn wel een hoop veranderingen op dit gebied gaande, dus waarschijnlijk komt hier spoedig verandering in.

Dr. Renske van der Meer